Kermis

 

Kermis. Ik probeer nog snel een andere weg in te slaan maar mijn zoons ruiken de onvermijdelijke geuren van plakkerige popcorn en glazuurverslindende suikerspin al. Het zonnetje schijnt en ik besluit dat geen kermisgeluid, nee zélfs geen opgevoerde Chipmunks die op decibeloverschrijdende wijze ‘Bailar la Bamba’ zingen, of het gebrul van het overspannen broertje van Pierre Gaston (‘Alweer een winnaarrrrrrrr’) , mijn dag kan verpesten. Zoons beloven plechtig dat ze na twee uurtjes zonder gedoe met mij terug naar huis zullen keren, en daarna een jaar niet meer om een kermisbezoek zullen kwezelen. Een in een glazen hokje gepropte vrouw met een gezicht dat een bijna-dood-ervaring verraadt, voorziet ons van muntjes. Ik waarschuw zoons dat ze geen kans maken op zo’n door Chinese kinderhandjes in elkaar genaaide fuchsiaroze teddybeer, want dan moet je minstens drieduizend euro investeren, en dan kun je de beer net zo goed zelf in China ophalen (waarna ik moest uitleggen waarom we dat nu niet meteen gingen doen). Een peuter met een plastic pistool in zijn ene hand en in de zijn andere hand een reuzenlolly zit verveeld in zijn buggy. Zijn moeder, een vrouw met vettige lange slierten haar langs haar gezicht en een shaggie in haar mondhoek, gooit als een razende de muntjes in de machine. Dát doet ze vaker. Twee uur later loop ik met mijn tevreden zoons (drie spuitbussen met gekleurd schuim, snoep waar je een tong van krijgt als een giftige Australische blauwtonghagedis, en een pakje illegale elektrischeschokkauwgum rijker) langs de muntjesschuifkraam. De peuter zit nog steeds in zijn karretje, nu vergezeld door een fuchsiaroze beer. Zijn slierterige moeder lurkt aan een gewonnen e-sigaret. Het is hun geluksdag vandaag.

 

Telegraaf/12.09.2016

 

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *