‘Pioniers’/Zen-route

Column/Telegraaf/28 juni 2014 Om de dagelijkse beslommeringen in de wijk te ontvluchten, fietste ik deze week mijn  ‘zen-route’.Via de Esdoornlaan waan ik mij in een andere wereld. Grote huizen, met flinke stukken grond. Een meterslang hekwerk laat zien welk gebied de tuinders vanaf 1997 moesten afstaan, voor de aanleg van het Máximapark. Hun kassen moesten verdwijnen voor de huizen voor 80.000 mensen uit alle windrichtingen. Herberts honden blaffen naar mij vanaf zijn erf. Zijn pompoenen en bloemen maakten plaats voor curiosa. De allerlaatste strijdende tuinder die uiteindelijk  berustte  in de onvermijdbare Vinex. De Esdoornlaan gaat over in de Alendorperweg. Ik adem de sfeer in van het dorpse. Ik nader Het Lint van het Máximapark en nét voor ‘de stijle brug’ , buig ik af en fiets ik richting mijn persoonlijke paradijs. Zelden kom ik hier iemand tegen. Over de brug met één leuning, waar je toch een tikje heldhaftig voor moet zijn. Alternatief is het ‘doe-het-zelf-trek-pontje’, maar daar waag ik mij niet aan in mijn eentje. Ik ben bijna op de verborgen plek:  ‘De Vlinderhof’, een tuin, ontworpen door Piet Oudolf. Vanaf de bezinningsheuvel staar ik naar de duizenden kleurige plantjes. Het kán niet anders dat vlinders uit alle windrichtingen binnenkort  massaal zullen tekenen voor dit stukje Vinex. Misschien moeten deze fladderende pioniers nog even een bruggetje over. Maar daarna willen ze vast nooit meer weg. Het schouwspel van vlinders wordt een niet tegen te houden nieuw theater.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *